Hospiteeravond

Gisteravond was het minstens zo spannend voor mij als voor de zeven jongens en meisjes die langskwamen in de hoop dat juist zí­j werden uitgekozen voor de kamer met uitzicht op de Oudegracht, die vrijkomt nu mijn buurvrouw naar elders vertrekt.

Ik woon al meer dan een jaar op deze kamer, maar ik had mijn drie overige buurvrouwen nog nooit fatsoenlijk gesproken, zeker niet allemaal tegelijk. Het was gelukkig reuzegezellig. Er was thee; er waren bonbons en koekjes; er werden grapjes gemaakt; mensen werden melig van die ietwat typische mediterende werkzoekende; er was verwarring over de naam van de donkere Mystery Man; iemand vroeg zonder het zelf te merken aan een enigszins gezette kandidaat of haar huidige kamer inmiddels niet vol was; ik gaf iedere kandidaat een promotionele ansichtkaart van mijn felroze debuutroman ‘Toiletten’ mee naar huis. En ik dacht bij mezelf: dit moeten we vaker doen, dit was leuk.

Uiteindelijk werd uit de twee overgebleven kandidaten één gelukkige winnaar gekozen met behulp van de aloude kop-of-munt-methodiek. Omdat de enige computerexpert daarbij genadeloos afviel heb ik beloofd om me deze maand nog te verdiepen in de interne geheimen van het ADSL-modem dat ons onlangs in de steek liet.