Omgaan met internet

De broer van mijn nieuwe buurmeisje heeft ons ADSL-modem gefixt. Nu kan het hele huis weer naar hartelust internetten. Dat klinkt heel prettig, en dat is het op zich ook, maar het blijkt tevens nadelig. Althans, voor ondergetekende.

Acht jaar op internet en ik kan er nog steeds niet mee omgaan. De godganse dag surf ik doelloos van bookmarkgroep naar bookmarkgroep. Ik ben bij qua interessegebieden. Ik weet precies wie zijn weblog op welk moment van de dag bijwerkt. Ik kan meepraten over de wereldpolitiek, althans een beetje. Ik beantwoord email binnen een paar minuten en als ik een ideetje heb voor een logstukje, dan log ik het.

Maar mijn productiviteit is gedaald tot net boven het vriespunt. Zonder verbinding kon ik een aflevering ‘Gammo’ schrijven in een uur of drie, althans als de deadline me op de hielen zat. Nu neemt het twee dagen in beslag.

Wel weet ik hoe het staat met Howard Dean, de democratische kandidaat die een kans lijkt te hebben in het naar de kroon steken van George W. Bush. Ik ben geïnteresseerd geraakt in de Franse animatiefilm ‘Kaena’. En ik heb wat interessante denkjes bijeengeraapt over de ruzie tussen Roy Disney en Michael Eisner, wat misschien nog wel eens een logstukje wordt.

Tenslotte ben ik helemaal op de hoogte van Nintendo’s nieuwe product dat geen opvolger is. Dat scheelt als ik daarover morgen twee pagina’s voor ‘N Gamer’ ga schrijven. En zo raakt mijn leven toch weer een beetje in balans.