Over Nokia N-Gage

Nokia N-Gage 1

Nokia N-Gage 2

Nokia N-Gage 3

Nokia N-Gage 4

Nokia N-Gage 5

Mijn stellige overtuiging: de eisen van iemand die wil telefoneren en iemand die een videogame wil spelen zijn zo verschillend, dat je de behoefte van beide personen nooit kunt bevredigen met één apparaat.

Je kunt een draagbare spelcomputer maken waar je toevallig ook mee kunt bellen. Eigenlijk zit de antenne er vooral in om over internet tegen anderen te spelen en extra content te downloaden. Met dit apparaat maak je lange reizen of speel je uren op het strand. De games variëren van simpel tot complex, maar ze hebben altijd een bepaalde diepgang. Het zijn games waarin je jezelf kunt verliezen. Een toekomstige versie van Nintendo’s Game Boy zou kunnen voldoen aan dit profiel.

Of je kunt een telefoon maken waarop je in verloren minuutjes fijn een spelletje speelt. Spelletjes waarover je niet te diep hoeft na te denken, met als voornaamste functie het doden van de tijd. Ze hoeven niet noodzakelijkerwijs uren en uren aan gameplay te bieden. Hoogstens raak je eraan verslingerd bij wijze van puntenrecords verbreken.

Zie je het verschil? Een videogame-handheld en een telefoon met spélletjes. Dus: “Even een spelletje spelen om de tijd te doden.” En: “Wauw, ik heb nú een heftige game! Ik ben per ongeluk blijven zitten in de trein tot Amsterdam, terwijl ik er in Leiden uit moest!”

Morgen komt Nokia’s N-Gage uit, die tóch een poging doet om beide zaken te combineren. Ik kreeg een exemplaar van Nokia om een gefundeerde mening te kunnen vormen en er eens het een en ander over te schrijven. Aldus geschiedde.

Mijn eerste indruk was helemaal niet slecht. Als cynische videogamejournalist verwacht je nu eenmaal het ergste.

  1. De N-Gage ligt heel aardig in de hand, het materiaal voelt goed aan.
  2. Het beeldscherm is helder.
  3. De spelletjes die ik erbij krijg: ‘Flo Boarding’ (een onderdeel van de gratis meegeleverde ‘Nokia Game’), ‘Tomb Raider’ en ‘Super Monkey Ball’ ogen netjes. De N-Gage is beter in het genereren van 3d-beelden dan de Game Boy Advance, overigens niet gek omdat de 3d-technologie van de laatste Game Boy alweer enkele jaren oud is.
  4. Het is grappig om Tomb Raider te spelen terwijl je met je vriendin belt: ze hoort de kogelschoten en boze wolven op de achtergrond.
  5. De mogelijkheden tot échte Connectivity (Nintendo-fans weten waar ik op doel) zijn veelbelovend, zoals multiplayergames spelen via Bluetooth en filmpjes van het behalen van je hoge score uploaden.

De tweede indruk is minder positief.

  1. Om een spel te wisselen moet je de telefoon uitzetten, de achterkant loshalen, de batterij eruit vissen en een klein kaartje vervangen. Je zou je erin verslikken. Muziek voor de ingebouwde mp3-speler gaat vanaf je pc naar een geheugenkaartje dat je op dezelfde plek steekt als een spel. Mac-software is er uiteraard niet.
  2. Er zitten allemaal knopjes op die ik niet wil en die in de weg zitten bij het spelen. De negen cijfers en andere toetsen die je gebruikt om sms’jes te formuleren en nummers te draaien waren niet nodig geweest met een richtingstoets en een toetsenbord in beeld. Speciale knoppen voor de ingebouwde mp3-speler en radio zijn helemaal overbodig.
  3. Een mp3-speler in een telefoon is überhaupt een slecht idee, zolang je er geheugenkaartjes in kunt stoppen van maximaal 128 MB. Twee albums. Zo hee, kuch.
  4. De ingebouwde radio is ook al zo’n door compromissen gehavend onderdeel. De ontvangst is slecht en de applicatie is te beroerd om zelf alle zenders te scannen en indexeren. Als een autoradio weet welk station je luistert, vind ik dat mijn N-Gage het ook moet kunnen. En anders wil ik helemaal geen radio in dat ding.
  5. Ik snap ook niet waarom een apparaat als dit een volledig, pc-achtig besturingssysteem moet bevatten. Ik wil helemaal geen applicaties opstarten, mappen verplaatsen of inhoud op verschillende manieren weergeven. Ik wil een duidelijk menu dat me met een druk op de knop toegang biedt tot de verschillende mogelijkheden.
  6. En oja, het scherm is eigenlijk helemaal niet zo geschikt voor games. Het is verdorie verticaal geí¶rienteerd! In Tomb Raider zie je al niets van je omgeving; stel dat je er ‘Sonic The Hedgehog’ op gaat spelen.
  7. Er zijn (nog) geen games die tot mijn verbeelding spreken. Er is geen vlaggenschipspel dat zo leuk is dat je er echt voor gaat zitten; Tomb Raider speelde ik jaren geleden al en Super Monkey Ball heb ik uitgespeeld op mijn GameCube. Bovendien vind ik Nokia’s push voor 3d-games niet ideaal. Op een handheld speel ik liever avonturen-, puzzel- of strategische games met een eenvoudige 2d-weergave waarvoor ik geen vaste hand nodig heb en waarover ik rustig kan nadenken.
  8. Nog erger: de batterij raakt erg snel leeg. Zelfs Nokia’s schatting van drie tot zes uur voor games lijkt me optimistisch. Spiegel dit met de twintig uur die je gemakkelijk speelt met een volle GBA SP-lithiumbatterij en je snapt misschien waarom ik de afgelopen dagen nooit echt de neiging heb gehad om eens lekker te gaan spelen op mijn N-Gage.

N-Gage is naar mijn idee geen ideale spelcomputer, maar het is ook geen ideale telefoon. Zo is hij erg groot en moet je hem met de bovenkant tegen je oor houden. Resultaat is een soort enorm flapoor. Mijn kantoorcollega’s hebben inmiddels de spot met me gedreven door respectievelijk een toetsenbord en een pc-speaker tegen hun hoofd te houden. Hiermee wil je niet over het schoolplein lopen! Natúúrlijk kun je bellen met een headset, maar dat verandert niets aan mijn stelling dat de N-Gage geen ideale telefoon is.

Iets anders: ik verbaas me over de reclamecampagne van Nokia, met taglines als: “Op deze plek schreeuwde ik om hulp.” Kennelijk mikt Nokia niet op fanatieke spelers, maar op een breder publiek, dat het nog bijzonder vindt dat je in games de meest wonderlijke dingen beleeft. Een aardige insteek, want dit zijn de mensen die niet beter gewend zijn. De mensen die Tomb Raider en Super Monkey Ball geen ouwe koek vinden.

Wat dat betreft is het niet vreemd dat Nokia het in de handleiding van de N-Gage steevast heeft over ‘spelletjes’. Dat ‘spelletjes’ voor N-Gage desondanks gewoon in de winkel komen te liggen met een prijs die vergelijkbaar is met ‘videogames’ voor de GBA, vind ik daarom wél weer vreemd. Is het brede publiek dat Nokia voor ogen heeft bereid om zoveel geld neer te tellen voor ‘spelletjes’? En waarom kopen die mensen dan niet gewoon een Game Boy?

Ik probeer Nokia’s motivatie te snappen om dit apparaat uit te brengen. Iedereen heeft inmiddels een telefoontje, maar Nokia wil er méér verkopen. Anders stort de markt in. Men gooit het op innovatie en diversificatie. Er komen nieuwe modellen met meer, en meer verschillende, mogelijkheden. Voor Nokia is N-Gage een manier om mensen nieuwe telefoontjes aan te smeren. Tegelijkertijd is het een manier om een nieuwe markt aan te boren: die van via winkels gedistribueerde videogames. Pardon, ‘spelletjes’.

Wat dat betreft begrijp ik niet wat er mis is met betaalde downloads, met simpele, toegankelijke spelletjes, waarbij je die dure tussenstappen van fysiek distributeur en winkelier tussen Nokia en de eindgebruiker kunt uitschakelen.

Ik zie N-Gage momenteel niet als een bedreiging voor Nintendo. Er liggen eerder nieuwe kánsen. Voor het grijpen: het is nu aan Nintendo om aan het publiek duidelijk te maken wat de Game Boy is: een apparaat waarop je videogames kunt spelen. En je kunt er niet alleen games op spelen: je kunt er de béste games op spelen. De Game Boy is de béste draagbare speler voor videogames!

Ik vind dat Nintendo bij een volgende Game Boy veel verder moet gaan om deze boodschap over te brengen. Het apparaat moet van beter materiaal gemaakt worden, zodat het voelt alsof je iets heel bijzonders in je handen hebt. Maar de functionaliteit mag daar niet onder lijden: de batterijen moeten nog even lang meegaan. Nintendo mag ook best wat extra aandacht besteden aan het gevoel dat je krijgt bij het uitpakken van je nieuwe Game Boy. Je moet de verpakking willen bewaren, zo mooi moet ‘ie zijn. Natuurlijk moet ook de marketing aansluiten op dit idee. De Game Boy is de tofste draagbare console, waar je de tofste games op speelt. En last but not least: je bent tof als je op een Game Boy speelt!

En Nokia? Bij Nokia moet men bedenken wat men nu eigenlijk wil. Stiekem is de N-Gage helemaal geen kruising tussen een mobiele telefoon en een draagbare spelcomputer, maar een multimedia-apparaat dat alles kan en nergens echt goed in is. Een multimedia-apparaat met een identiteitscrisis.

Door het hele verhaal iets breder te trekken, zie ik vier belangrijke spelers als het gaat om ‘multimedia’-handhelds. Nintendo, met zijn eigen niche: de beste draagbare game-console. Apple, met net als Nintendo een eigen niche: de beste mp3-speler. Nokia, dat een multimedia-apparaatje maakt en doet alsof het een spelcomputer is. En tenslotte Sony, dat zijn toekomstige apparaat een PlayStation noemt, maar doet alsof het een multimedia-apparaat is.

Eind 2004 verschijnt deze PlayStation Portable, die in de woorden van mijn persoonlijke bronnen steeds interessanter begint te klinken. Volgens zeggen kunnen ontwikkelaars er gemakkelijk en met weinig kwaliteitsverlies PS2-games naar overzetten. Bovendien wil men er ook muziek en films op gaan uitbrengen; naast Memory Stick zouden beschrijfbare Universal Media Discs wel eens ondersteund kunnen worden. Dat geeft Nokia precies een jaar de tijd om een opvolger van de N-Gage te bedenken die wel ergens goed voor is.