Ritualistiek

Ik heb niet zoveel met rituelen zoals we die hier in Nederland kennen. Neem bidden voor het eten: het lijkt me goed om stil te staan bij de goedheid van het leven en het feit dat je dagelijks je maag kunt vullen. Maar een inmiddels betekenisloze spreuk opratelen en zelfs als je iets te zeggen hebt stil zijn, dat hoeft van mij niet zo nodig.

Van échte rituelen hebben we er dan weer te weinig: lekker rond het kampvuur dansen en in trance raken. Uitputtende rituelen die overgangen in je leven symboliseren door het sterven en het opnieuw geboren worden voelbaar te maken zijn zo’n eind verwijderd van het Hollandse verjaardag vieren dat ik eerder plichtbewust dan met overtuiging taart eet en cadeaus incasseer.

Zijn er überhaupt westerse rituelen die je met overtuiging kunt aangaan?

Goed. Ik ga op mijn knieën voor mijn whiteboard zitten en pak het uitvlakding. Ik probeer het object te vóelen. Niet met mijn handen, maar met mijn hart. Ik spring op en dans wild door de kamer, door de gang, de trap omlaag, naar de tuin. Ik sluit mijn ogen en neem dezelfde weg terug, puur op herinnering. En op gelóóf.

Het lukt, tot de drempel tussen de overloop en mijn kamer; ik val op mijn knieën naast het whiteboard. Mijn hoofd klapt tegen de kast, niet heel hard. Ik krabbel direct omhoog. In de duisternis tast ik naar de linkerrand van het board en plaats ik het uitvlakding. Ik zie de fel witte silhouette van het voorwerp. Ernaast verschijnen vlammende letters: de vlot geschreven naam van een tijdschrift.

Ik trek het uitvlakding naar rechts.

De vurige letters ‘N Gamer’ doven.

Ik open mijn ogen.

De deadline is achter de rug. Mijn 17 pagina’s voor nummer vijf van het enige Nederlandse Nintendo-tijdschrift zijn klaar. En ik probeer iets te doen aan mijn rituelen.