Spanningscode

In het vliegtuig naar Amerika stak ik mijn hoofd boven de stoelen uit. Ik zag rijen passagiers, en allemaal lazen ze een boek, op diegenen die in slaap waren gevallen na. Het boek was in alle gevallen hetzelfde.

Op het vliegveld van Los Angeles lag het in dikke stapels.

Op de spellenbeurs, aangekomen bij mijn afspraak met Nintendo, zei de marketingman: “Ik ben nu zo’n spannend boek aan het lezen. In het vliegtuig begonnen en ik kan niet meer stoppen.”

Vannacht, bijna een jaar na dato, las ik ‘The Da Vinci Code’ van Dan Brown uit. Eerder was ik in tweestrijd geweest. Moest ik het lezen en ontdekken wat er zó bijzonder aan was dat iedereen het las én aan anderen aanraadde, of moest ik die nare hype lekker laten overvliegen?

Op het vliegveld van Costa Rica, gedurende de thuisreis, hadden Annemieke en ik anderhalf uur wachttijd. We kochten een dubbele cheeseburger bij de Burger King (Anne een hapje, ik de rest), twee Snickers (waarvan eentje van de Almond-variatie, want die hebben ze in Nederland niet) en die verdomde bestseller van meneer Brown.

Gedurende het lezen bedacht ik dat spanning in boeken best leuk is. Ik zag hoe de auteur bijna plat zo onbeschaamd stukjes informatie achterhield en de lezer om de paar pagina’s een onthulling gunde, maar continu zorgde dat er nieuwe raadsels bijkwamen, met dus meer boeiende info in het verschiet. Ieder hoofdstuk in The Da Vinci Code dat vragen beantwoordt, roept er minstens twee op. Je kan maar één ding doen: blijven lezen.

Zo is het ook in videogames. Je hebt de schatkist aan de overkant van het water gezien, maar je kunt hem pas openen na de lange reis rond het meer. En de duikuitrusting in de kist is niet alleen een manier om gemakkelijk terug te komen naar de plek waar je was begonnen, het is ook een uitnodiging om andere stukken, eerder onbegaanbaar, water te verkennen.

Conclusie: ik had me niet gek moeten laten maken. The Da Vinci Code is een knap geschreven boek. De personages zijn misschien wat zielloos, maar daar staan interessante info en een knappe spanningsopbouw tegenover. Ook ik raad dit boek bij deze aan anderen aan.