St. Patrick’s Day

Hoe dingen kunnen veranderen.

Een jaar geleden viel ik uit de pub en schreef ik een stukje over alles en iedereen. Ik schreef hoeveel ik van haar hield. Ik meende het. Zo voelde mijn hart die dingen, met overtuiging, en met vlammen. Knetterende vlammen.

Daarna gebeurden er dingen, waar niks aan te doen was, of achteraf toch het een en ander. Hoe dan ook, ze gebeurden.

Vandaag was ik in dezelfde pub, waar dezelfde dude zong als vorig jaar. We vierden St. Patrick’s Day en daarna gingen we naar een of andere kroeg, waar we zongen van “In de kerk, in de kerk, zei de dominee”. Een vriend had me gebeld, of ik ook kwam. Ja, dat vond ik goed, want ik voelde me euforisch.

Ik voelde me euforisch, want vandaag had ik haar gezien, voor het eerst in bijna negen maanden. Ze kwam uit een trein en rende. Ik rende achter haar aan, want ik dacht: “Nu of nooit.” Al die maanden had ik goed om me heen gekeken op het station: misschien kwam ik haar tegen.

Ik zei voorzichtig haar naam, en “Sorry”, voordat ze over nare dingen begon. Het ging goed met haar, ze maakte een gelukkige indruk. Zelfverzekerd. Mijn gevoel: gerustgesteld. Bijna, bí­jna sprongen de tranen in mijn ogen. Het was beter als ik niet belde, maar ik mocht wel een email sturen. Het ging goed met haar, ze had een vriendje in Den Bosch, en ze moest nu in de trein.

Dit verzin ik niet, zo ging het echt. Het maakt me niet uit of het lijkt op een film. Nu eet ik komkommer, en het stopt vocht in mijn lichaam, en dat is goed. Ik denk na over de email. Mijn leven voelt completer, welke woorden ik ook type.