Any Body

De meeste ‘Viva’-lezeressen slaan direct door naar ‘Any Body’, een niet te versmaden rubriek met een hoofdloze foto van een blote meneer en/of mevrouw groot op de pagina. Hij of zij vertelt over zijn of haar lijf. Het leukst is de vraag waar de participant minder blij mee is. Fantastisch toch, dat dikke wijf met een hekel aan haar grote teen. Of die man met die verschrompelde piemel, wiens vriendin vooral te klagen heeft over ‘zijn handen’.

Wat een gezeur om niks. Als ik in Any Body zou staan, dan herken je me aan de pleisters op mijn onderbenen. Dat is mijn nieuwste tactiek om de jeuk iets minder erg te maken, die ook nog eens helpt tegen het krabben.

Met welk aspect van mijn lichaam ben ik minder blij? Met mijn huid. Zo lang als ik het me kan herinneren heb ik last van eczeem. Soms is het een tijdje wat minder, dan woedt het ineens in alle hevigheid. Het kan overal verschijnen, inmiddels hebben mijn benen al een jaar te lijden. ’s Avonds in bed kan de jeuk ineens zo erg worden dat ik alles open krab. Gedurende zo’n nacht slaap ik amper, de jeuk vormt het middelpunt van mijn wereld. De volgende dag ben ik niet te genieten, een lopende zombie. Soms krijgt m’n huid de kans om korstjes te vormen en soms begint ie zelfs te herstellen, maar meestal gooit een nieuwe jeukaanval roet in het eten en kan ik van voor af aan beginnen.

Met verhalen als het mijne zou Any Body vast niet zo’n populaire rubriek zijn.