Over pashokjes

Het is dinsdagochtend 11.15 uur. Ik heb het bestaan ontdekt van een mij voorheen totaal onbekend fenomeen. Ik sta in de rij bij de pashokjes van de H&M. Voor en achter mij meisjes met ieder vijf te passen kledingstukken, het maximum toegestane aantal.

Een rij, op dinsdag, om 11.15 uur: die bestaat dus.

Ik mag met Annemieke mee het pashokje in en doe daar mijn tas af, trek mijn jas uit en kijk in het rond. Mijn blik valt op een tof knoppenpaneel. Er gaat een wereld voor me open: met deze knoppen kan ik kiezen tussen sfeerlicht en daglicht.

Ik druk op de eerste knop en kijk naar mezelf in de spiegel bij sfeerlicht; ik zie wat bleekjes. Ik druk op de tweede knop en kijk naar mezelf in de spiegel bij daglicht; ik zie nog steeds wat bleekjes.

Bijna druk ik op de derde knop, maar Anne houdt me net op tijd tegen. Dat is de alarmknop. “Al heb ik er wel eens op gedrukt en toen kwam er niemand”, bekent ze.

Ik ga zitten op het krukje en droom weg terwijl mijn lief een waardige uitbreiding voor haar garderobe probeert te vinden. Zou er rond iedere straathoek, op ieder tijdstip een magische wereld als deze kunnen bestaan?